Tekst over Willem G. van de Hulst bij Den Hertog, Houten

W.G. van de Hulst jr.
is geboren in 1917 en woont in Nieuwersluis. Hij debuteerde in 1946 met Tippeltje, een kinderboek geheel in de traditie van de serie ‘Voor onze kleinen’, die door zijn vader werd geschreven. Uitgeverij Callenbach liet direct 16.000 exemplaren drukken. Het werd het eerste boekje in de Cirkel-serie. Er zouden nog elf deeltjes volgen, verschijnend tussen 1947 en 1973.
De boekjes, alle geïllustreerd door de auteur, bleven het stuk voor stuk goed doen. Later is een groot deel van deze serie door Den Hertog overgenomen en opnieuw uitgegeven. Ook toen (jaren ’90) betrof de totale oplage zo’n 100.000 exemplaren. Er kwam meer voor de jeugd, ook voor de groepen boven de voorleesleeftijd. In 1950 verscheen Japie, wat later weer verscheen onder de titel De Verloren foto.
Net als zijn vader schreef Van de Hulst een aantal gelegenheidswerkjes voor de jeugd. In 1960 verscheen Waarom de tram stil stond... bij Samsom in Alphen. Het boekje handelt over de herdenking van 4 en 5 mei en geeft in verhaalvorm veel wezenlijke informatie over die tijd aan kinderen. Het boekje is in enorme oplagen verspreid over veel Nederlandse scholen. Alweer in de voetsporen van zijn vader schreef Van de Hulst een gelegenheidsboekje bij de geboorte van een nieuwe Oranje-telg: Willem Alexander. Enige tijd eerder, in 1956, verscheen 'Ere zij God', een verhaaltje waarin duidelijk wordt gemaakt ‘waarom Kerstfeest het mooiste feest is’. In 1963 verschijnt bij de Arbeiderspers de roman Feestgebouw in de regen. Het is, net als bijna al zijn werk voor ouderen, sterk autobiografisch. Er kwamen korte verhalen waarvan er twee verschenen in het christelijk literaire tijdschrift Woordwerk: Artiste Peintre en De worst. Beide zijn later opgenomen in de bundel Wachten op de kraakwagen. In deze verhalen zijn veel persoonlijke herinneringen en gegevens verwerkt. W.G. van de Hulst jr. is zowel schrijver, als beeldhouwer, als schilder: ‘’t Kan zijn dat ik drie weken achter elkaar met penseel bezig ben; dan weer word ik gegrepen om een beeldhouwwerk tot stand te brengen. Ben ik getroffen door ’t een of andere voorval, dan wordt er vaak een verhaal geboren en op papier gezet.’

Verschenen titels:

1. Tippeltje (1946)
2. Het geheim (1947)
3. Wilhelmus (1948)
4. Ko-tje en het kerstfeest (1950)
5. Japie (1950)
6. Ik ben een oude juffrouw (1952)
7. Tussen het gele riet (1954)
8. Ere zij God; waarom Kerstfeest het mooiste feest is (1956)
9. Het verdwaalde schaap (1957)
10. Ik zie, ik zie wat jij niet ziet (1957)
11. Kijk, het heeft gesneeuwd (1960)
12. Waarom de tram stil stond (1960)
13. Kerstfeest voor een gulden (1962)
14. Feestgebouw in de regen (1963)
15. Hans de ponnie en nog eenentwintig andere verhalen met tekeningen van de schrijver (1965)
16. Zijn de kraaien nog zwart? (1965)
17. Tom (1966)
18. Duizend jaar (1966)
19. Kip Kakel (1967)
20. Het Prinsekind (1967)
21. Ezeltje (1968)
22. De Tovenaar (1969)
23. Wat de uil zag (1970)
24. Vera (1973)
25. Luister, Kijk, Lees (1973)
26. Duffie (1974)
27. De smid Kamenov (1976)
28. Een kwestie van tijd (1982)
29. Artiste Peintre (1984)
30. Het wonder van Piet (1984)
31. De worst (1985)
32. Wachten op de kraakwagen (1988)
33. Kijken naar de maan (1990)
34. Zeven verhalen (1994)
35. Het Kerstfeestgevoel of van een oude man die rust zocht (... en het vond) en acht verhalen van Willem G. van de Hulst (1994)
36. Een lichtje in het donkere bos (1997)

Uitgegeven in eigen beheer:

W.G. van de Hulst, schilder, schrijver, beeldhouwer in licht en ruimte.

Uitgegeven ter herinnering aan Koninginnedag 1999 - Houten:

Feest in Houten.